Van 2014 tot en met 2025 heeft Nederland bijgedragen aan de militaire strijd tegen ISIS in Irak. Deze evaluatie onderzoekt de effectiviteit van de Nederlandse bijdragen aan de verschillende missies in Irak.
Achtergrond
In 2014 roept de leider van de terroristische organisatie Islamitische Staat (IS) een wereldwijd Kalifaat uit, en heeft IS controle over grote delen van Irak en Syrië. Door de toenemende terreinwinst van IS groeit internationaal ook de gevoelde noodzaak om in te grijpen.
Eind 2014 besluit Nederland militair bij te dragen aan de anti-ISIS coalitie. Dit gebeurt in eerste instantie met special operations forces voor het trainen en assisteren van Iraakse strijdkrachten en met F16s. Nederlandse F16s zijn tussen 2016 en 2018 ook actief boven Syrië. Uiteindelijk blijft Nederland 10 jaar lang militair actief in Irak, zowel binnen Operation Inherent Resolve (OIR) van de anti-ISIS coalitie als in de NAVO Missie in Irak (NMI). Ook draagt Nederland bij aan de civiele EU Advisory Mission in Irak.
Deze inzet valt onder het Artikel 100 Toetsingskader en wordt daarom onafhankelijk geëvalueerd. De ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie hebben IOB gevraagd om deze evaluatie uit te voeren. De IOB evaluatie zal ook kijken naar inzet die niet onder het Toetsingskader valt, waaronder de inzet van individuele stafofficieren en civiele experts. De evaluatie is opgebouwd uit de volgende delen:
- Effectiviteit van de Nederlandse bijdragen aan de missies in Irak.
- Relevantie en coherentie van de Nederlandse inzet onder de geïntegreerde benadering (defensie, diplomatie en ontwikkelingssamenwerking).
- De positie van Nederland bij militaire inzet in coalitieverband.
- Lessen voor toekomstige inzet.
Onderzoeksvraag
In hoeverre zijn de doelen bereikt van de Nederlandse bijdragen aan de missies in Irak (2014-2025), hoe kan dit worden verklaard, en welke lessen zijn er voor toekomstige inzet en beleid?
Onderzoekers
- Rens Willems, contactpersoon
- Trix van Mierlo
- Bruno Braak
Voortgang

