Veel Europese wet- en regelgeving werkt rechtstreeks door in het nationale recht. Het is dus belangrijk om wetsvoorstellen en besluitvorming effectief te beïnvloeden in de onderhandelingen met de andere lidstaten en de Europese instellingen. In dat ‘spel van geven en nemen’ probeert Nederland zijn nationale belangen zo goed mogelijk te behartigen. Maar lukt dat ook?
IOB heeft de invloed van Nederland in de EU in de periode 2016-2023 onderzocht: in welke mate zijn de Nederlandse beleidsvoorkeuren door inzet en interventies succesvol vertaald in Europese besluiten.
Nederlandse belangenbehartiging in de EU
Beeld: IOB
De figuur geeft de Nederlandse belangenbehartiging in de Europese Unie weer. Nederland is een van de 27 EU-lidstaten. Zij besluiten gezamenlijk over nieuwe Europese wet- en regelgeving en beleid. Net als Nederland, proberen de 26 andere lidstaten hun belangen zo goed als mogelijk te behartigen bij de totstandkoming van het Europees beleid.
Formeel heeft een minister (of diens vertegenwoordiger) namens Nederland zitting in de Raad van de Europese Unie. Ook medeoverheden, het parlement en de samenleving in allerlei organisatievormen weten EU-instellingen te vinden om hun standpunt of belang te vertolken. Voorbeelden van EU-instellingen zijn de Europese Commissie, het Europees Parlement, de Raad van de EU, de Europese Centrale Bank, de Europese Rekenkamer en allerlei Europese agentschappen.
Binnen Nederland kunnen actoren elkaar opzoeken om expertise en belangen uit te wisselen. Dat zijn vertegenwoordigers van onder andere:
- ministeries
- uitvoerings-, advies- en toezichtsorganisaties
- het parlement
- provincies, gemeenten, waterschappen
- de samenleving in allerlei organisatievormen
Conclusies

IOB concludeert dat, vergeleken met andere EU-lidstaten, Nederland in de onderzochte periode veel invloed had op EU-beleid: ons land ‘bokste regelmatig boven zijn gewicht’.
Nederland ontleende de mate van invloed aan:
- gedegen inbreng vanuit vakinhoudelijke kennis en ervaring
- actieve en verbindende rol in effectieve coalities waarvan het deel uitmaakt, en doordat het actief zocht naar nieuwe samenwerkingspartners
- de wijze waarop de minister-president op het hoogste EU-politieke niveau opereerde
- een sterke Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging bij de EU in Brussel
Over het algemeen staat Nederland bekend als competent, pragmatisch, duidelijk, inhoudelijk goed georganiseerd, betrouwbaar in EU-onderhandelingen en op sommige terreinen als constructief.
Dit zijn positieve uitkomsten, maar die bieden geen garantie voor de toekomst. Ontwikkelingen in zowel de binnenlandse politiek, de Europese als de bredere geopolitieke context kunnen de Nederlandse invloed in de EU bevorderen of juist belemmeren.
Aanbevelingen

Wil het kabinet de opgebouwde invloed van Nederland in de EU bestendigen of verstevigen, dan zou – mét behoud van bovengenoemde sterke kenmerken – daarom moeten worden geïnvesteerd in:
- meer bewustzijn en kennis op alle niveaus van overheid en politiek over de EU als vierde bestuurslaag
- versterking van netwerken en relaties binnen Nederland en EU
- een proactievere politieke en ambtelijke sturing
Om het vertrek van de invloedrijke minister-president op te vangen, is het ten slotte van belang de ambtelijke ondersteuning op het hoogste EU-politieke niveau te koesteren.
Achtergrond

De evaluatie is gebaseerd op een aantal bouwstenen zoals de figuur Methodologische opzet van de evaluatie laat zien.
De literatuurstudies en vier van de vijf casestudies zijn in samenwerking met EU-experts van Nederlandse kennisinstellingen tot stand gekomen. Deze zijn te vinden op:
- Literatuurstudies over invloed in het EU-beleidsproces
- Casestudies van de Nederlandse invloed in de EU
Deze evaluatie bouwt voort op de IOB-evaluatie van de Nederlandse EU-standpuntbepaling Tactisch en praktisch. In die evaluatie is bekeken hoe het proces verloopt waarin het initiële Nederlandse standpunt op een nieuw voorstel van de Europese Commissie wordt bepaald.
Beeld: IOB
De figuur geeft de verschillende bouwstenen van de evaluatie weer:
- Vijf casestudies:
- Carbon Border Adjustment Mechanism: Koolstofheffing over de grens
- Klimaatambitie 55 procent
- Rechtsstaatconditionaliteiten in het Meerjarig Financieel Kader (MFK) / Coronaherstelfonds
- EU Strategisch Kompas voor een sterkere Europese defensie
- Wetgevingstransparantie binnen de Raad
- Literatuurstudies van de vijf beleidsfasen van het EU-beleidsproces:
- Agendavorming
- Beleidsvorming
- Besluitvorming
- Implementatie
- Evaluatie
- 150 case-overstijgende interviews met professionals die een directe of indirecte rol vervullen in de Nederlandse belangenbehartiging in de EU. Denk aan:
- ambtenaren en diplomaten die in de EU actief zijn namens de Rijksoverheid
- medeoverheden
- uitvoeringsorganisaties
- kennisinstellingen
- bedrijven
- maatschappelijke organisaties
- vakbondsorganisaties
- EU-lidstaten
- EU-instellingen
- Beleidsdocumentanalyse
- Twee vragenlijsten:
- onder medewerkers van de Rijksoverheid uit het beleid, de uitvoering en het toezicht
- onder medewerkers van verschillende Nederlandse overheden
